Balans

Toelichting op de balans

4.1.3.8 Voorzieningen

In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de mutaties van de diverse voorzieningen.

Verloopoverzicht voorzieningen

31-12-2024

Storting

Onttrekking

Vrijval

31-12-2025

Doel van voorziening

Verplichtingen, verliezen en risico's

Verwacht verlies grondexploitaties

1.667

9.956

11.624

Dekking verwacht verlies grondexploitaties.

Nog uit te voeren werken grondexploitaties

1.269

67

87

1.250

Dekking van nakomende kosten van afgesloten grondexploitaties.

Wethouderspensioen

1.870

1.833

3.703

Dekking voor toekomstige pensioenverplichtingen wethouders.*

Bovenwettelijk verlof / verlofsparen

1.486

763

2.249

Dekking voor eventuele toekomstige verplichtingen uit hoofde van bovenwettelijk verlof / verlofsparen.

Subtotaal verplichtingen

6.293

12.620

87

18.826

Toekomstige vervangingsinvesteringen

Riolering vervanging

10.357

6.104

2.470

13.992

Dekking voor toekomstige vervangingsinvesteringen.

Subtotaal toekomstige vervangingsinvesteringen

10.357

6.104

2.470

13.992

Middelen van derden waarvan bestemming gebonden is

Riolering egalisatie

5.576

208

5.368

Dekking voor egalisatie van rioleringskosten.

Afval egalisatie

2.861

152

3

3.010

Dekking voor egalisatie van kosten afvalinzameling.

Subtotaal middelen van derden waarvan bestemming gebonden is

8.437

152

210

8.378

Bedragen x 1.000 euro

* Voorziening voor pensioenaanspraken politieke ambtsdragers
De commissie BBV heeft in december 2025 een stellige uitspraak gedaan waarbij de pensioenen qua waardering gelijk worden gesteld aan de prognose op basis van het uitgevoerde onderzoek (benodigd vermogen op 1 januari 2025 op basis van inkoop Wtp bij ABP; bedrag genoemd bij C in genoemde brief) en rekening te houden met de gewijzigde verplichtingen over 2025. Dit bedrag dient jaarlijks herzien te worden tot het moment van overdracht aan het ABP welke momenteel voorzien is op 1 januari 2028. De voorziening in de jaarrekening is op basis van deze stellige uitspraak gewaardeerd.
Als gevolg van deze jaarlijkse herziening is het mogelijk dat de benodigde bedragen voor de waardeoverdracht naar het ABP per 1 januari 2025 fluctueren. De omvang van de voorziening wordt bijvoorbeeld bepaald door de hoogte van de rente. Een hogere rente betekent een lagere benodigde voorziening hetgeen zorgt voor een vrijval uit de voorziening. Een lagere rente heeft een tegenovergesteld effect.

Deze pagina is gebouwd op 07/15/2026 11:54:18 met de export van 07/14/2026 15:02:49